Kanjers
Fietsers kunnen nogal eens ruw volk zijn. Vorig jaar nog ervaren bij Luik-Bastenaken-Luik. Bij de traditionele rustplaats boven op de Redoute bevolkten drommen vermoeide fietsers het smalle weggetje. Een auto wilde er voorzichtig langs. Dat veroorzaakte een scheldpartij van een van de toerfietsers die zich Lance Armstrong himself waande. Een halve anatomische atlas kwam met minder flatteuze toevoegingen in 1 minuut voorbij. Subtiel wees ik het opgewonden standje op de esculaap die op de voorruit van de auto was geplakt. Gelukkig viel een omstander me bij: “als jij toevallig aan de kant van de weg ligt, ben je heel blij als deze arts je opraapt.” De scheldkannonier vond dat we onzin kletsten en gromde nog wat na. Dit soort taferelen zijn in het peloton van toerfietsers geen uitzondering.
Bij en rond Alpe d’HuZes is de sfeer totaal anders. Die kenmerkt zich om te beginnen door een hoge saamhorigheid. Fietsers die bergop rijden en elkaar moed in praten. De dalers die opbeurende aanmoedigingen roepen naar hen die klimmen. Elkaar helpen een onmogelijke prestatie neer te zetten. Niet voor niets hebben ongekend hoge percentages deelnemers de 6 en 7 beklimmingen voltooid in de vorige 2 jaren.
Daarnaast het bezig zijn voor een doel, anders dan sneller zijn dan je concurrentie. Dat hoor je vooral terug in de verhalen. Tijdens een training fiets je ineens naast iemand die een kind heeft dat erg ziek is geweest door een hersentumor, maar daar gelukkig doorheen is gekomen. Of iemand die een melanoom heeft gehad en een van de gelukkigen is die dat na kan vertellen.
Ad6 niet
Laura, Noud, Peter, alle anderen,
filosofische bus
Fietser die wel mee wilde doen met uitdaging maar geen geld wilde inzamelen.