Een

Vijf uur ’s ochtends. Lichaam en geest vragen nog om slaap. Onbijt naar binnen gewerkt en een sloot koffie. Toch blijft over alles een surrealistische waas hangen. Gewoon nog niet wakker. Dan naar de start. Terwijl ik mijn hartslagmeter nog op mijn stuur aan het monteren ben, lost Peter het verbale startschot. Toch wil ik die meter eerst in orde hebben. Gepiel in het donker, maar uiteindelijk lukt het. Gevolg is dat ik 50 meter achter de groep vertrek. Geen enkel probleem, want de dag is lang en het is geen wedstrijd.

Punt is wel dat ik allerlei mensen moet ontwijken die denken dat alle fietsers vertrokken zijn, en de weg gaan oversteken. Het zal je toch niet gebeuren dat je een botsing hebt nog voordat je een meter hebt geklommen? Alles gaat goed. Links de bocht om. Goedemorgen Alpe!

Ik pak langzaam een tempo. Niet de fout maken van de training vorig jaar dat ik me in de eerste kilometers opblaas. Dat kun je niet hebben bij een doelstelling van 4+ beklimmingen. Voor me tientallen rode lichtjes die de berg opdansen. Sprookjesachtig. Langzaam kruip ik voorbij de renners die de eerste bus aan het vormen zijn. In het donker tuur ik naar de rugnummers van teamgenoten. Ik ontwaar Harry, die het shirt nummer 1 van Peter 7 keer omhoog mag gaan brengen. Ik doop Harry om tot Air Force 1. Dat is tenslotte een vervoermiddel dat met een kostbare vracht grote hoogten bereikt. Dan Benjo, Ronald en Goswin. Even wat woorden wisselen, dan het eigen tempo kiezen. Cruciaal op zo’n dag. Toch blijft de hartslag heen en weer flieberen. Ik wil ‘m eigenlijk onder de 155 houden, maar hij maakt iedere keer jumps naar de 160. Niet teveel over nadenken. Gewoon voelen, die berg.

Goswin pakt hetzelfde tempo. Samen fietsen we achter ene Marius, en kletsend over de indrukken, Tourlegendes en andere dingen waarover je kletst om 5:00u ’s ochtends op de Alpe, ondergaan we de eerste beklimming. Goswin vraagt Marius of ie ons geouwehoer niet vervelend vindt. Hij vindt het wel gezellig. Halverwege de klim is het licht. Maar het is qua stilte, en gevoel in het lijf en hoofd nog steeds een wat surrealistische ervaring.

no nameMijn laagste versnelling werkt niet, de ketting vliegt dan in de spaken. Toch was die goed afgesteld. Temperatuureffect? Het gaat ook wel op de 23, dan maar straks even stoppen bij de mecanicien. Dat is de luxe van zo’n smetteloos georganiseerde dag. Als we tussen bocht 4 en 3 zijn, komen de eersten alweer naar beneden. Valt me toch nog mee, het verschil. Boven rustig eten, en een kop koffie van Denise en Marsja. Door die kop koffie word ik eindelijk pas een beetje wakker. Wakker worden, en dan al een beklimming van Alpe d’Huez achter de rug hebben, dat maak je niet dagelijks mee.Ronald komt ook goed boven. Prima werk. Jo Geurts, de mecanicien, stelt ondertussen mijn derailleur bij.

In de afdaling is het wegdek nat. Rustig aan doen dus. Harry komt voorbijgestoven en vormt een mooi mikpunt voor de rest van de afdaling. We duiken de mist in. Een paar bochten lager zijn we weer uit de wolken.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *