Dag 22: zondagochtendritje
Nu dat was een wandeling in het park! Windkracht 4 in de rug, zonnetje, niet te warm en de kortste rit van de reis. Deze had wel wat langer mogen zijn. Met de vingers in de neus in 3,5 uur binnen, gemiddelde 35,6 km/u. Een vredig zondagochtendritje door het land van de Mennonieten en Amish, al hebben we die niet gezien. Begrijpelijk op zondag.
Wakker
Tom zette er van het begin af aan de sokken in. Hij had het koud en wilde opwarmen. Dus hoewel we achterin waren gestart, hadden we in no time de rest van het peloton opgepeuzeld en als afgekloven botjes achter ons gelaten. Oh nee, het is geen wedstrijd. Al is mijn kamergenoot Phil apetrots dat hij mij op een paar segmenten virtueel achter zich heeft gelaten.
Het begin was in zoverre pittig dat we nog een zijwind hadden, maar allengs draaide die in de rug en was het verder alleen nog maar remmen voor wat stopborden.
Door een land als een schaakbord, keurig in velden verdeeld door kaarsrechte wegen. Een straalblauwe lentelucht met schapenwolkjes. Vogels opvliegend van de weg. Eekhoorns wegvluchtend voor de aanstormende fietsers.
Eric
Eric Hayot, onze literatuurprofessor, heeft de tocht helaas verlaten. Hij miste zijn gezin met jonge kinderen heel erg. Daarbij komt dat hij een zoontje heeft dat een deel van z’n 9e chromosoom mist. Wat dat betekent, is nagenoeg onbekend -dit beeld komt bij slechts 150 kinderen in de V.S. voor!- en nog ongewis. Het kan van alles zijn, van zwaar geestelijk gehandicapt tot niets van te merken. Dat vergt enige zorg en de laatste weken waren zwaar voor Erics vrouw. Dus een begrijpelijk besluit om weer huiswaarts te keren. Misschien voegt hij zich nog bij ons in de laatste etappe.
Ik zal hem missen, want het is een buitengewoon leuke, humorvolle en interessante vent. Hij heeft afscheid van ons genomen met het reciteren van de 1e 18 regels van de Canterbury Tales. In het origineel Middle English. Over pelgrims die met elkaar en hun verhalen opgescheept zitten in een herberg. Daar heeft onze tocht inderdaad veel van weg.
Another Holiday Inn
Al reizen wij dan van herberg naar herberg en brengen we maar 1 nacht per plaats door. “Another Holiday Inn, another temporary home.” Van deprimerend behang naar deprimerend behang. Van 13 uit een dozijn tapijt naar 13 uit een dozijn tapijt. De hotels zijn in mijn herinnering een grote, vage, amorfe vlek. Omdat de wetten van de franchise vereisen dat ze niets karakteristieks hebben en volstrekt uitwisselbaar zijn. Of het nu een Ramada, Day’s Inn of Holiday Inn is. Of ze nu in Palms Springs, Albuquerque of Springfields staan.
De hotels vormen een ware microkosmos op zich. We zijn inmiddels aardig bedreven in het bewonen van die microkosmos. WIFI aan, wasmachine lokaliseren, schilderijen van de muur om de bloedzakken aan de haakjes te hangen…. Bij het ontbijt zijn we een zwerm sprinkhanen die tot ontzetting van het personeel in alle vroegte door de ontbijtzaal razen. Die ontbijtzalen zijn ook apart. Met wafelijzers om je eigen wafels te maken, roosters om de bagels te roosteren. Toppunt is een soort kopieermachine-achtig geheel waaruit pannenkoeken rollen. Ik weiger die te eten. “I ain’t gonna a eat no pancake that comes from a darn machine!”
Uithoek
De hotels staan ook gemiddeld gesproken in een vage uithoek van een stadje vlakbij een snelweg. Onze organisatie maakt er een sport van om ons altijd in het laatst mogelijke hotel te herbergen. Als je de stadsgrens van de eindbestemming bereikt, moet je dus soms zomaar nog 15 kilometer uit de benen persen. Het scheelt natuurijk weer wel de andere dag.
Nu hebben Amerikanen een voorliefde voor dergelijke met de auto bereikbare uithoeken, dus we hebben qua winkels en eetgelegenheid meestal alles bij de hand. Zo ook vandaag.
Amish en outlet
Na de vroege finish hebben we ons tegoed gedaan aan een buffet in een enorme hal met de naam Amish-land. Nu was er in de weide omtrek geen Amish te bekennen. Het was natuurlijk ook zondag. Dat bracht Tom er toe om de bediening van verregaande misleiding te beschuldigen. Zij kon er wel om lachen.
Voordeel was dat ik me nu eens tegoed kon doen aan een enorme berg groenten. Want ik ben voor de zekerheid gaandeweg maar overgegaan op het slikken van vitaminepillen. Om toch wat supplementen binnen te krijgen.
Naast Amish-land was een enorm outlet-center gelegen. Nu mijd ik dat soort dingen normaal als de pest, maar uit cultureel antropologisch oogpunt (ahum) toch maar eens een kijkje genomen. De schade is bepekt gebleven tot 2 spijkerbroeken, die hier vergeleken met Nederland ongeveer niets kosten.
Zo op naar de 2e maaltijd. Ik ga mijn eetgewoonten ernstig moeten aanpassen als deze fietstocht over is………
Beste Floris,
Met grote bewondering en ook wel verbazing – over zo’n prestatie ! – lees ik jouw berichten.
Heel veel succes en ook plezier (want dat is er ook lees ik) wens ik je toe voor de laatste weken. Gister heeft Diederik de oartij weer helemaal achter zich gekregen, maar dat staat nu even ver van je af. Houden zo !
Hartelijke groet, Wim.