Van Milaan naar San Remo

Vooraf vraag ik vergiffenis. Als voorzitter van een wielervereniging die hoffelijke verkeersdeelname hoog in het vaandel heeft staan, heb ik vandaag alle geboden geschonden. Erger nog, ik ben meegemuisd met anderen -veelal Italianen- die de geboden voor mij schonden. Een zonde nog groter dan zelf het initiatief nemen om de regels met voeten te treden. Voor alle genegeerde rode stoplichten, links genomen rotondes, verkeerde weghelften, gedisrespecteerde zebrapaden en drie woordenboeken vol met Italiaanse oerkreten richting medeweggebruikers vraag ik aan alle madonna’s van de Ligurische kust vergiffenis. Ik ben bang dat dit zo’n dag was dat het doel -zo snel mogelijk naar San Remo fietsen- de middelen heiligde.

Voor Evert

Deze rit was voor Evert van Ravensberg. Mijn clubgenoot die op een trainingsrit in oktober zo noodlottig verongelukte. Tijdens die rit hadden we honderduit over zijn ambities voor het volgende seizoen, dit seizoen dus, gesproken. Terugkomend van een pittige rugblessure wilde hij weer een aantal klassiekers aanvatten. Vooral Milaan – San Remo hadden we uitgebreid de revue laten passeren. Voor mij alle reden om de tocht in zijn naam te rijden.

Bizar toevallig was het dan ook dat we een bed & breakfast deelden met Marko, een fietsmaat van Evert. Ze zouden de klassieker samen hebben gereden. Marko en ik bleken ook in hetzelfde startvak te staan. Evenals Roel, een andere fietsmaat die drie kilometer verderop sliep. Gezamenlijk reden we naar de start, in verhalen een herbeleving van die fatale zondag in oktober vorig jaar.

Opera

De prachtigste metafoor over Milaan – San Remo ga ik stomweg jatten. Marc Cavendish, sprintkanon met een verrassend filosofische inborst, beschrijft het in een aflevering van Holland Sport over ‘La primavera’ als een opera. In drie delen. De aanloop over de Povlakte en dan de Passo del Turchino. Vervolgens het middendeel langs de Ligurische kust. En dan de grandefinale over de Capi, de Cipressa en de Poggio.

Een opera is het.

Koor

De opera wordt geopend door een koor van 200 zangers. Het startveld is namelijk opgedeeld in groepen van 200 mens. Om 7:20u zingt ons koor de eerste noten. Snel denderen we 40 km/u over de Povlakte.

Zo verliefd als Italianen én Belgen op de koers zijn, zo slecht zijn hun wegen. De wegen waar we over heen razen kennen tussen de gaten door twee veilige stroken: op de as van de weg en helemaal rechts. Aangezien je op de laatste plek nogal opgesloten zit, kies ik voor het midden. Daar moet je evenwel weer ernstig rekening houden met tegemoetkomend verkeer.

Een peloton blijkt een nogal disharmonisch koor te zijn. Ik wil net wat sneller zijn dan jij. Ik wil zitten op de plaats waar jij fietst. Ik vind dat het te langzaam gaat. Bij de individuele zangers is weinig harmonie te bespeuren. Wonderlijk is het dan toch dat het geheel volkomen harmonisch over de Italiaanse wegen zoeft. Een veelkleurig lint dat ogenschijnlijk eendrachtig een doel nastreeft. Een bizarre vorm van collectief bewustzijn.

Dat zijn zo van die overpeinzingen op een zondag op de Povlakte.

Testosteron

In mijn buurt rijdt een Frans team. Team Vercors. Weinig noemenswaardig ware het niet dat ze een volgauto hebben die op gezette tijden naast ons komt rijden. Uit het dak verschijnt vervolgens een leuk ogend meisje dat met een enorme telelens foto’s begint te schieten van het team. Dat tot daaraan toe. Maar het meisje en/of de telelens doen het testosteron bij les mecs du Team Vercors iedere keer zo de hoogte in schieten, dat ze het hele peloton op de pijnbank leggen. Lekker dan.

Soms valt het peloton echter ook in slaap. Dat is slecht voor m’n gemiddelde. Dus ik rij naar voren om mee kopwerk te doen en de boel wat wakker te schudden. Dat doe ik kennelijk iets te deftig, want ik zit ineens 50 meter voor het peloton. Lekker zinvol dan. Ik rol door en laat me bijhalen. Dan het gas erop. Nu zijn er wel mannen die mee willen werken, waaronder die van Team Vercors. Het tempo gaat de hoogte in. Oeps, dat doet wel weer even pijn, meer dan 200 kilometer voor de finish. Toch maar weer even terug laten zakken.

Turchino

Na een ruime drie uur koorgezang begin ik er wel genoeg van te krijgen. Ik wil van die steeds warmer wordende Povlakte af en lekker klimmen. En even water bijvullen. De bevoorrading die na 118 km aan de voet van de Turchino was aangekondigd, blijkt een kleine tien kilometer verder tijdens de klim te zijn. Italiaanse metriek. Ik vul in recordtempo mijn bidons en leeg mijn blaas. Snel weer op pad.

Ik ram naar een paar mensen voor me om niet alleen te komen te zitten. Na de aansluiting monster ik het groepje. Ai. Sjiek groepje. Tanige en jonge geschoren kuiten. Het gaat hard. Maar ik kan volgen. We halen een grotere groep in. Ik wil tempo houden. Ineens blijk ik op kop te liggen. Dat voelt stoer. Een kleine solo in de opera. Er hangt mist op de Turchino. Welkome verkoeling. Soeverein op kop rijdend -ahum- neem ik de toejuichingen van passanten in ontvangst.

Okeren man

In ons groepje een man in een soort okerkleurig shirt. Enorme kuiten, enorme dijbenen. Met een verzet dat pijn doet aan de ogen, zo langzaam dat het begrip frequentie niet eens meer van toepassing is. Maar hij is oersterk. Hij heeft een hardnekkige neiging om iedere keer enkele meters voor het groepje uit te rijden. Lekker slim dus ook. Enfin, je doet maar.

Olie

We draaien de tunnel in die de top aankondigt. Mist in de tunnel. Fietsen in een prehistorisch decor. Dan de afdaling die nat ligt. Met duidelijk zichtbaar olie op de weg. Dat bezorgt me de bibbers dus ik doe voorzichtig aan. Ik word aan alle kanten voorbij gereden, maar dat is dan maar zo. Op een droger stuk schuif ik weer naar voren. Beneden is iemand uit de bocht gevlogen die me bovenop nog voorbij schoot. Hoop dat het goed afloopt.

Zee

Dan een doorkijkje naar de zee. Daar is ie echt! Een bocht naar rechts en dan de Middellandse Zee in volle glorie. Hoewel het door mist die tegen de bergen hangt nog bewolkt is. Ik vind het heerlijk. Even geen brandende zon.

Staccato

Wat volgt is een repeterend thema in de opera. Capo (kaap) op, capo af en dan door een centrum van een kustplaats met veel verkeer. De Italianen zingen dat heel staccato in een opeenvolging van bloemrijke krachttermen. Soms begeleid door ritmisch getik op de auto’s van mensen die zich niet snel genoeg uit de voeten maken.

We naderen menig zebrapad waar nietsvermoedende badgasten willen oversteken. Die worden dan getrakteerd op een crescendo van scheldwoorden hetgeen kennelijk zo imponerend is dat ze als betoverd blijven staan.

Capi

De volgende 100 kilometer volgt de opera dit thema. Dan de Capi dei capi. Namelijk de Capo Mele en de Capo Berta. De Mele gaat goed. Ik zoek een ritme, zak daarbij een beetje door de groep. Dan schuif ik steeds verder naar voren. Naar het buitenblad en zingen dat het een lieve lust is. Ik stuif iedereen voorbij en trek een lint in mijn kielzog. Weer een kleine solo. Euforisch moment met de wind door de haren met uitzicht op de Middellandse Zee.

Op de Berta hap ik naar adem. Lang en best steil. De kracht is er een beetje uit. Bovenop een bevoorrading en dan weer snel door. De groep is uiteen geslagen in solisten. We komen met een paar man samen en snellen door de kustdrukte.

Cipressa

Dan de paradoxaal verlossende afslag naar de Cipressa. Even wat anders. Klimmen. Een blik op mijn vermogenmeter en het gevoel in mijn benen vertellen dat het beste er af is. Toch te deftig gedaan op de Capi. En mag het, na 270 kilometer? Twee man fietsen van me weg. Voor het overige ben ik met afgedraaide benen toch sneller dan de mensen om me heen.

Wat is dat ding lang! Ik dwing mezelf van het uitzicht te genieten. Wat is dat ding warm! Blijven geven nu. Ik heb uitgerekend dat ik binnen de negen uur moet kunnen finishen. Dat laten we nu niet lopen…..

De verlossende afdaling. Ik zit moederziel alleen. De bekende twijfel of ik nog wel goed zit. Dan weer de kustweg. Ik soleer als eenzame fietser in deze finale van de opera. Gelukkig komen er twee stemmen bij.

Poggio

We draaien de Poggio op. Ik verlaat mijn twee medevluchters en geef alles wat ik heb, al is dat niet zo veel meer. Toch genieten van het uitzicht en meer nog de wetenschap dat het hierna alleen bergaf is. Op de top komen mijn gezellen van de finale weer bij me na een vlakker stuk. Als trio de afdaling in. Die is niet voor de poes. Maar met een semi relaxte mindset (d.w.z. geen Nibali die probeert te winnen) komen we ‘m goed door. In de onderste stroken vochtige ogen. Hier had Evert moeten rijden. En de wetenschap dat ik mijn eerbetoon aan hem zo voltooi.

Orgelpunt

Beneden is het nog twee kilometer. Ik zit op kop en blijf op kop. Rammen nu. Op een wonderlijke manier draai ik nu een hoger vermogen dan bergop. De chaos van een kustplaats. Dan de finishstraat. Een omhelzing van mijn metgezellen. Ik wijs naar de hemel. Deze is voor jou Evert!

Relive ‘Milano – San Remo’

8 Responses to “Van Milaan naar San Remo

  • Wow Floris,
    Evert is trots op je, zeker weten!
    ff een traantje wegpinken dus.
    zie je vast weer ergens op de fiets.
    gr Rob

  • Geert Rommers
    6 maanden ago

    Wat een schitterend verslag heb je er weer van gemaakt en wat een bijzondere prestatie is deze Prima vera. En vooral wat een prachtig in memoriam.

  • Tja, wat kan ik hier nog aan toevoegen……..

    Alleen dat je blijk geeft van een fijn mens te zijn gezien je doorzetting met de voltooiing van een belofte aan de herinnering van Evert.

    • Je bent een fietskunstenaar, Floris. Proficiat.
      Ook een taalkunstenaar; verbaast me niets!
      Je woorden over je fietsmaat Evert ontroeren me.
      Dank je wel.
      Josie Steures

  • Marko Wolthuis
    6 maanden ago

    Wow Floris, wat een prachtig verslag. Je hebt zeker nog een mooi talent, nl schrijven. Heel leuk dat we elkaar troffen. Een mooie ode aan Evert. Zal ongetwijfeld gezegd hebben: goed gedaan mannen !

  • Kees vermeeren
    6 maanden ago

    Een mooi en ontroerend verslag; proficiat en dank.
    Kees Vermeeren

  • Frank van Ravensberg
    4 maanden ago

    Prachtig verslag Floris, ik heb het met tranen in de ogen gelezen. Verder is de opzet met alle verwijzingen naar de muziek heel origineel en goed gevonden. Chapeau voor je prestatie en voor je verslag!

  • Andreas van Aalst
    4 maanden ago

    Hoi Floris,
    fantastische hommage aan Evert en een stilistisch pareltje van vertelkunst!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *